Hoofdstuk 1

Ik kan lezen en schrijven net zoals vrijwel alle andere kinderen in Nederland, dus er is een vrij hoge alfabetiseringsgraad. Mijn ouders werken in dienst van de overheid, net zoals vele anderen, dus er is een grote tertiare sector. In Nederland zijn er twee grote mainports, namelijk Schiphol en de haven van Rotterdam. De levensverwachting in Nederland is relatief hoog, want mijn oma en opa zijn in de tachtig. Nederland koopt halffabricaten uit de semiperiferie landen en verwerkt dat vervolgens tot eindproducten. Nederland is een grote thuisbasis voor MNO’S (multinationale ondernemingen), voornamelijk omdat er in Nederland een lage belasting is voor buitenlandse bedrijven. Weinig mensen werken in de primaire sector omdat er veel werk is in de tertiare sector. Nederland scoort ook hoog op de VN-welzijnsindex.

dit zijn een aantal MNO's

hoofdstuk 1 vervolg

Ik kan lezen en schrijven net zoals de rest van Nederland. We hebben dus een hoge alfabetiseringsgraad, namelijk 99%. We hebben ook een hoge levensverwachting, ik ben namelijk uitgerekend op 86 jaar. Onze koopkracht is ook hoog, in NL is het vorig jaar gestegen met 1,8% en dit jaar met 1,7%. We kunnen niet zo veel kopen voor 1 dollar. We hebben een goede verbinding met het achterland, wat betekent dat we gunstig liggen voor MNO’s. Ook hebben we 2 grote mainports, Schiphol en de Haven van Rotterdam. Schiphol gebruik ik zelf ook, voor vakanties, terwijl mijn vader het ook gebruikt om op bussines-trips te gaan. In Nederland werkt de beroepsbevolking in de tertiaire sector, wat betekent dat we een van de centrumlanden zijn. We krijgen halffabricaten, terwijl we eindproducten leveren. Dit zorgt voor een goede handelsbalans.

Hoofdstuk 2

In Nederland is er niet zo veel reliëf en ook geen hooggebergte. Als ik bijvoorbeeld wil gaan skiën dan moet ik helemaal naar Oostenrijk. In de grond bij Nederland zit erg veel veen. Daarom brandde vroeger bijna alle kachel op turf. Vroeger hadden we nog geen dijken, maar Nederland ligt erg laag en daarom moesten de huizen op terpen worden gebouwd. Als je in Nederland in het noorden op vakantie gaat kun je veel hunebedden zien. Dat zijn graven uit de prehistorie. Die bestaan uit grote zwerfstenen. Als Nederland niet beschermd wordt door de duinen op het strand zou minstens de helft van Nederland onderstromen met water. In het zuidwesten van Nederland is het een heuvellandschap. En in de rest is het een laagvlakte.

Hoofdstuk 2 vervolg

Ik woon in Nederland en hou ervan om in de zomervakantie naar het strand toe te gaan. Als we op vakantie zijn gaan we vaak in de duinen fietsen. Ik hou er ook van om samen met mijn familie door zandbanken heen te baden. Een klein nadeeltje dat het strand oplevert is dat alles wat je meeneemt helemaal onder het zand komt te zitten. Soms, als je heel erg veel geluk hebt, vind je weleens een fossiel, niet dat dat mij ooit is overkomen. In de Saale-ijstijd is er veel ijs Nederland binnen gekomen. Door het ijs zijn er stuwwallen ontstaan, en toen het ijs smolt bleven er zwerfstenen liggen. Met behulp van die zwerfstenen zijn er hunebedden gebouwd. Mij zou het leuk lijken om die een keertje in het echt te zien. Wat er ook nog van de Saale-ijstijd over is gebleven is dekzand, dat ligt nog in Hoog Nederland ligt. Nederland is praktisch gezien zo plat als een pannenkoek, er is niet zo veel reliëf.